Jason Bell
Executive Vice President of Strategy, Programmes & Field Operations
Als er een individueel dier in nood is, waarom zou je dan niet je uiterste best doen om het te redden?
Het domino-effect: hoe de bescherming van één soort een heel ecosysteem kan beschermen
Verlies van biodiversiteit wordt vaak genoemd als urgent probleem, maar wat is precies het effect ervan op ons dagelijks leven? Het verlies van zelfs maar één wilde soort kan een domino-effect hebben op andere planten en dieren, op hele ecosystemen en zelfs op de hele planeet. Mensen vallen hier ook onder: wij zijn afhankelijk van de natuur voor haar intrinsieke waarde, haar hulpbronnen en haar ecosysteemdiensten. Ook wij worden getroffen door de ravage die het verlies aan biodiversiteit kan aanrichten.
Nu het klimaat verandert, wordt het elke dag belangrijker dat we elke diersoort op aarde helpen om zich aan te passen aan nieuwe, onvoorspelbaardere omstandigheden. Dieren zijn hierin niet alleen slachtoffer, maar ook onze bondgenoten in de oplossing.
Tijdens COP16 (Conference of the Parties) in november lanceerde IFAW nieuwe richtlijnen om regeringen te helpen bij het opnemen van natuurbehoud in hun klimaatactieplannen. Deze richtlijnen komen voort uit onze overtuiging dat nationale klimaatstrategieën moeten worden afgestemd op biodiversiteitsdoelen. Regeringen moeten aan beide bedreigingen tegelijk werken. Ze moeten ervoor zorgen dat het behoud van ecosystemen en wilde dieren kan bijdragen aan zowel het opslaan van koolstof als aan economische ontwikkeling en klimaatbestendigheid.
Als het gaat om complexe onderwerpen als klimaatverandering, economische ontwikkeling en verlies van biodiversiteit, kun je snel overweldigd worden door de omvang van de uitdagingen waar we voor staan. Bij IFAW weten we dat gezonde wilde dieren enkele van de beste oplossingen zijn voor deze problemen.
Recent onderzoek toont zelfs aan dat het beschermen en herstellen van populaties van slechts negen soorten en soortgroepen gezamenlijk 95% van de CO2 zou kunnen opnemen die elk jaar nodig is om de opwarming van de aarde onder de drempel van 1,5° C te houden. Het gaat om zeevissen, walvissen, haaien, grijze wolven, gnoes, zeeotters, muskusossen, Afrikaanse bosolifanten en Amerikaanse bizons.
Veel van deze soorten zijn sleutelsoorten binnen hun ecosystemen. Dit betekent dat ze zo belangrijk zijn voor het welzijn van het ecosysteem dat die in het geheel zou kunnen instorten als de dieren verdwijnen. Met andere woorden, hun uitsterven zou leiden tot het uitsterven van vele andere soorten en het verdwijnen van belangrijk natuurlijk kapitaal.
Hieronder lees je enkele voorbeelden van hoe het beschermen van een enkele soort verregaande gevolgen kan hebben voor het eigen ecosysteem en de planeet als geheel.
Er bestaan drie soorten olifanten: de Afrikaanse bosolifant, de Afrikaanse savanneolifant en de Aziatische olifant. Ze zijn allemaal bedreigd; en de Afrikaanse bosolifant is zelfs ernstig bedreigd volgens IUCN’s rode lijst.
Olifanten zijn ‘ecosysteem-ingenieurs’: ze veranderen fysiek het landschap waarin ze leven. Als ze door savannes en bossen trekken, vertrappen ze planten en scheuren ze vegetatie af om dit te eten. Door hoge bomen en struiken uit te dunnen, zorgen ze dat zonlicht de planten en dieren dicht bij de grond bereikt. Ze zorgen hierbij ook dat vruchten en groenten naar beneden vallen en toegankelijk zijn voor kleinere dieren die er anders niet bij kunnen.
Olifanten graven bovendien waterpoelen, die in droge seizoenen van levensbelang zijn voor andere dieren. Daarnaast bemesten olifanten het land met hun poep. De zaden die ze eten groeien dan weer uit tot nieuwe voedselbronnen voor andere herbivoren.
Een levensvatbare olifantenpopulatie zou een omvangrijk effect hebben op haar ecosysteem. Dit is bijvoorbeeld hoe Afrikaanse savanneolifanten het savannelandschap in stand houden:
Afrikaanse savanneolifanten eten ongeveer 160 kilo voedsel per dag; voornamelijk gras, maar ook bladeren, schors, wortels en vruchten zoals mango's en vijgen. Zonder olifanten die de vegetatie binnen de perken houden, zou de savanne kunnen veranderen in bosgebied. Dit kan dan een verwoestend effect hebben op andere grazende herbivoren zoals zebra's en gnoes. Zij hebben minder voedselbronnen tot hun beschikking, wat leidt tot meer concurrentie en uiteindelijk tot een grote afname van het aantal grazers. Dat heeft op zijn beurt dan weer gevolgen voor de roofdieren die grazers eten, zoals leeuwen en hyena's.
Zonder deze olifanten zouden andere dieren bovendien ook lijden van de dorst, aangezien olifanten naar waterbronnen graven tijdens het droge seizoen en zo zorgen voor drinkplaatsen.
Wij mensen zouden er ook onder lijden. Als de Afrikaanse savannes krimpen, verliezen we belangrijke gebieden die ons helpen in de strijd tegen klimaatverandering. Hoewel het moeilijk is om te meten hoeveel koolstof savannes opnemen en opslaan, schatte een studie in 2023 dat Afrikaanse drooglanden (inclusief savannes) ruwweg 0,84 petagram koolstof opslaan. Dat is 0,84 miljard ton, en komt overeen met de hoeveelheid CO2 die jaarlijks wordt uitgestoten door bijna 200 miljoen op gas rijdende auto’s.
Het beschermen van olifanten is niet alleen essentieel voor de andere soorten die in hun ecosystemen leven, maar ook voor ons mensen. Dat is een van de redenen dat we het Room to Roam-initiatief hebben opgezet – een van IFAW’s meest ambitieuze projecten voor natuurbehoud.
Via Room to Roam werken we aan het veiligstellen en verbinden van leefgebieden van olifanten. Deze leefgebieden raken maar al te vaak versnipperd door menselijk handelen. We streven naar een toekomst waarin olifanten en de mensen met wie ze landschappen delen in balans samen kunnen leven.
Op dezelfde manier werken we in China en India om gemeenschappen te helpen samen te leven met olifanten door middel van betrokkenheid en projecten om op een alternatieve, diervriendelijke manier in hun levensonderhoud te voorzien.
Er leven tegenwoordig ongeveer 90 walvissoorten in de oceaan. Met sommige soorten gaat het goed, maar met andere helaas niet. IUCN classificeert bijvoorbeeld de blauwe vinvis als bedreigd, en de noordkaper en de Rice-vinvis zijn zelfs ernstig bedreigd. Deze soorten lopen een groot risico om in het wild uit te sterven als we niet snel iets doen om ze te beschermen
Walvissen staan bovenaan de mariene voedselketen, maar spelen een enorme rol voor de plantensoorten die de basis vormen van de voedselketen: fytoplankton. Deze piepkleine organismen leggen ongeveer 37 miljard ton kooldioxide per jaar vast – ongeveer 40% van alle kooldioxide die wordt geproduceerd. Fytoplankton produceert ook ongeveer 50% van alle zuurstof ter wereld, die wij mensen (en alle dieren) nodig hebben om te ademen.
Hoe walvissen deze vitale bron in leven houden? Walvissen voeden fytoplankton met hun poep.
De bescherming van slechts één soort, de noordkaper, helpt om de hele oceaan te beschermen. Dit is hoe het werkt:
Noordkapers migreren langs de oostkust van Noord-Amerika. Hoewel ze meestal dicht bij de oppervlakte leven, duiken ze diep om zoöplankton te eten, kleine zeediertjes die fytoplankton (en elkaar) eten. Terwijl de walvissen duiken en migreren, verspreiden ze voedingsstoffen door het water die essentieel zijn om kleinere soorten in leven te houden. Door voedingsstoffen te verspreiden, zorgen noordkapers ervoor dat leefgebieden gezond, divers en complex blijven, in plaats van voedselarme gebieden te worden.
Als noordkapers goed gedijen, geldt dit ook voor het fytoplankton dat zeedieren in leven houdt en ons helpt om adem te halen. Deze walvissen bevruchten niet alleen fytoplankton met de voedingsstoffen in hun poep. Ze eten ook elke dag tot wel 1.100 kilo zoöplankton, waardoor ze die populatie onder controle houden en zorgen voor een gezond evenwicht tussen zoöplankton en fytoplankton.
Dit evenwicht ondersteunt talloze andere vissen en zoogdiersoorten, of ze nu fytoplankton zelf eten of de dieren die fytoplankton eten, zoals vissen. Welvarende vissoorten zijn niet alleen van vitaal belang voor de gezondheid van de oceaan, maar ook voor de visindustrie en de kustgemeenschappen waarvan de economie afhankelijk is. Het beschermen van walvissen is dus goed voor de planeet, zeedieren, mensenlevens en vele bestaansmiddelen.
Bij IFAW redden we met onze programma's voor het behoud van zeeleven en redding van zeezoogdieren de levens van walvissen, bevorderen we baanbrekend onderzoek en pleiten we voor veiligere oceanen waar zowel mensen als wilde dieren baat bij hebben. De tijd dringt om de dieren te behoeden voor uitsterven – daarom doen we er alles aan om walvissen en andere kwetsbare zeedieren over de hele wereld te beschermen.
Hieronder valt het pleiten voor lagere vaarsnelheden van schepen om aanvaringen te voorkomen, campagne voeren om oceaanlawaai terug te dringen, en samenwerken met beleidsmakers om de High Seas Treaty (het VN-verdrag voor de open zee) te bekrachtigen.
Er zwemmen vandaag de dag meer dan 500 soorten haaien rond op aarde, maar helaas wordt ongeveer 50% van deze soorten met uitsterven bedreigd of bijna met uitsterven bedreigd. Haaiensoorten die op volle zee leven (pelagische haaien) zijn alleen al in de afgelopen 50 jaar met 71% afgenomen.
Niemand weet hoeveel haaien er jaarlijks worden gedood, maar schattingen zeggen tot 273 miljoen. Meer dan 100 miljoen haaien worden gedood door de commerciële visserij – ongeveer twee keer zoveel als wat wetenschappers als duurzaam beschouwen. Haaien zijn ook kwetsbaar voor het verlies van hun leefgebied, vervuiling en klimaatverandering.
Hoewel de populaire cultuur veel mensen heeft geleerd om bang te zijn voor haaien, is de gedachte dat haaien uitsterven nog enger. Deze zeeroofdieren houden hun ecosystemen gezond en helpen om weerbaarder te zijn tegen klimaatverandering.
Lees hier hoe één soort, de tijgerhaai, de kostbare biodiversiteit in zijn ecosysteem beschermt:
Tijgerhaaien leven in tropische en warme wateren, meestal langs de platen, riffen en hellingen van de oceaan. Soms trekken ze naar de pelagische zone (open oceaan). Het zijn aaseters die bijna alles eten, zelfs nummerborden en oude banden.
In het unieke ecosysteem van Shark Bay in West-Australië hebben onderzoekers kunnen bestuderen hoe tijgerhaaien bijdragen aan een klimaatbestendig leefgebied.
In Shark Bay ligt een van de grootste en meest biodiverse zeegrasvelden ter wereld. Zeegrassen zijn een ongelooflijk waardevol ecosysteem omdat ze kooldioxide absorberen, het water reinigen, en commerciële visserij en biodiversiteit in de oceaan ondersteunen. In de zeegrassen van Shark Bay leven (en voeden) veel prachtige wezens, zoals de doejong en de groene zeeschildpad.
Zonder een toproofdier als de tijgerhaai om deze grazers onder controle te houden, zouden ze het zeegras overconsumeren tot het een punt bereikt waarop het niet meer kan aangroeien. Tijgerhaaien hoeven niet eens direct op deze dieren te jagen – alleen al hun aanwezigheid weerhoudt doejongs en schildpadden ervan om te lang op een bepaalde plek te grazen.
Door het zeegras te beschermen tegen overbegrazing, helpen tijgerhaaien ook alle kleine vissen en andere dieren die afhankelijk zijn van het gras voor voedsel en veiligheid en als schuilplaats.
Haaien vervullen nog een belangrijke rol: ze houden het leefgebied beter bestand tegen plotselinge wijzigingen in het klimaat. Onderzoekers ontdekten dit nadat Shark Bay in 2011 werd getroffen door een verschrikkelijke hittegolf, waardoor zeegras werd vernietigd. Doejongs verlieten de baai een tijdje, dus bootsten wetenschappers hun eetpatronen na zonder de aanwezigheid van haaien. Ze ontdekten dat het zeegras op die manier niet meer kon herstellen.
Hun conclusie? Haaien zijn cruciaal voor het herstel van beschadigde ecosystemen.
IFAW komt in actie voor haaien door middel van beleid en inspanningen voor natuurbehoud. We werken samen met een wereldwijde coalitie van haaienexperts en ngo’s om voortdurend up-to-date wetenschappelijk bewijs en expertise te delen. We hebben landen die lid zijn van CITES ondersteund in het opleggen van beperkingen aan de handel in bedreigde haaiensoorten, zodat de bestaande handel legaal en duurzaam is.
We ondersteunen ook regeringen bij het implementeren van CITES-regelgeving, organiseren workshops voor het identificeren van haaienvinnen en doen onderzoek naar regionale betrokkenheid bij de handel in haaien. Onze rapporten die de rol van Latijns-Amerika en het Caribisch gebied en de Europese Unie aan het licht brachten, hebben geleid tot veel aandacht en grote veranderingen in de sector.
Een van de resultaten van COP16 was het bereiken van overeenstemming over een nieuw en verder ontwikkeld proces om mariene gebieden te identificeren die ecologisch of biologisch belangrijk zijn (EBSA's). Dit werk begon in 2010, maar werd gedwarsboomd door juridische en politieke bezwaren. De vooruitgang op het gebied van EBSA's zou moeten bijdragen aan een verdere bescherming van haaien.
Wolven waren vroeger het meest verspreide zoogdier ter wereld, maar hun verspreidingsgebied is nu 30% kleiner dan het was. In sommige gebieden zijn ze tot uitsterven toe bejaagd, maar op bepaalde plekken helpen inspanningen voor natuurbehoud ze om terug te keren.
Tientallen jaren nadat ze waren uitgeroeid in het Greater Yellowstone Ecosystem in de Verenigde Staten, werden wolven in 1995 opnieuw geïntroduceerd in het gebied. Dit gaf biologen de zeldzame kans om te bestuderen wat er gebeurt als een belangrijke diersoort terugkeert. De biologen waren verbaasd over wat ze aantroffen: wilde dieren floreerden, van bevers tot beren. Dit is waarom:
De wolven in Yellowstone jagen op wapiti’s (de op een na grootste hertensoort). Zonder wolven groeide het aantal wapiti’s, die te veel aten van bepaalde planten, zoals jonge wilgen, cottonwood en espen. Bevers hebben wilgen nodig om de winter te overleven, dus hun populatie nam af. Het gebrek aan bevers die dammen bouwen, zorgde ervoor dat de rivieren en beken een slechte invloed hadden op de waterwegen en vissen.
De aanwezigheid van wolven houdt niet alleen de wapitipopulaties onder controle, maar zorgt er ook voor dat wapiti’s zich meer verspreiden. Dit geeft wilgen en andere planten de kans om te herstellen en de dieren die van de planten afhankelijk zijn de kans om te overleven. Toen wolven in 1995 werden geherintroduceerd, had Yellowstone National Park slechts één beverkolonie. Nu zijn het er negen.
Ook vele andere plant- en diersoorten profiteren van wolven. De wapiti-karkassen die wolven achterlaten zijn namelijk een belangrijke voedselbron voor dieren zoals kevers, raven en zelfs hongerige beren die uit hun winterslaap komen. Veel soorten gedijen goed in Yellowstone en dat is grotendeels te danken aan de aanwezigheid van wolven.
In de Verenigde Staten en Canada steunt en promoot IFAW wetgeving die een einde maakt aan het gebruik van gif om wolven en andere diersoorten te doden. In Europa verzetten we ons tegen het verlagen van de wettelijke bescherming van de wolf en werken we aan het bevorderen van co-existentie. Met diervriendelijke oplossingen in plaats van dodelijke bestrijding kunnen we conflicten tussen mensen en wilde dieren voorkomen en ecosystemen ondersteunen.
Eén manier waarop we het samenleven van mensen en wolven kunnen bevorderen is door ervoor te zorgen dat wolven niet worden aangetrokken door onnatuurlijke voedselbronnen, zoals vuilnisbakken of eten dat mensen bij zich dragen in gebieden waar de wolf voorkomt. Als we deze zogenoemde lokstoffen verwijderen, is het zeer onwaarschijnlijk dat wolven mensen benaderen.
Een ander voorbeeld van een diervriendelijke oplossing is het gebruik van afschrikmiddelen, zoals wolf-afwerende hekken of fladry. Bij fladry wordt een touw aan de bovenkant van een omheining bevestigd, waaraan stroken felgekleurde stof hangen. De felle kleuren schrikken wolven af van veehouderijen. Dieren zoals honden en ezels kunnen wolven ook afschrikken en wegjagen van vee. In Europa is er op nationaal en EU-niveau financiële steun beschikbaar voor boeren die deze maatregelen nemen.
Jason Bell
Executive Vice President of Strategy, Programmes & Field Operations
Als er een individueel dier in nood is, waarom zou je dan niet je uiterste best doen om het te redden?
Zonder jouw steun kunnen wij ons werk niet doen. Geef nu voor het verbeteren van de leefomstandigheden voor dieren.
Unfortunately, the browser you use is outdated and does not allow you to display the site correctly. Please install any of the modern browsers, for example:
Google Chrome Firefox Safari